Nieuwsbrief aanmelding

Er was nog géén landelijke regeling. Assistentiehonden waren in sommige regio's al welkom in de ambulance samen met hun baasje. In andere echter niet. Natasja Koeckhoven en Helma Verhoeven-Jacobs kaartten dat aan bij de landelijke organisatie voor ambulances. En met resultaat.

Er is nu sinds kort een eenduidige regeling voor assistentiehonden in de ambulance. Kern van de regeling: assistentiehonden zijn welkom. Het is een ‘ja, tenzij’. En dit geldt voor alle ambulances in de Nederland.

Helma en Natasja hebben als ambassadeurs van BMA gesprekken gevoerd met verschillende verantwoordelijken voor de ambulancezorg. Het vroeg wat uithoudingsvermogen maar nu is er dan ook duidelijkheid voor alle veiligheidsregio’s in heel Nederland.

Wetgeving

In het jongste decembernummer van het vakblad van ambulancepersoneel staat het nu duidelijk. Het blad schrijft: ‘Hoe om te gaan in de ambulancezorg met een hulphond is in de wetgeving min of meer geregeld. Het is namelijk bij wet verplicht om een opgeleide hulp-, blindengeleide- of assistentiehond toe te laten, tenzij dit een onevenredige belasting vormt voor ‘de organisatie’. Daarbij is in de wet de term assistentiehond gebruikt als overkoepelende term om alle verschillende typen honden aan te duiden, die ‘professioneel getraind’ zijn.’

Het blad vervolgt: ‘Als in de ambulancesetting het meenemen van een professioneel getrainde assistentiehond op verantwoord wijze kan, is deze welkom. Het is echter niet de opzet om alle mogelijke andere variaties aan trouwe viervoeters ook toe te laten. Als er een onevenredige belasting optreedt wanneer het ambulanceteam de assistentiehond in bedwang moet houden en zich niet op de patiënt kan focussen, is er een legitieme reden om de assistentiehond niet toe te laten. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een getrainde hond samen met zijn baasje betrokken is bij een ernstig ongeval. De impact daarvan op de hond is van tevoren niet in te schatten. Kortom, het is een ‘ja, tenzij’ en het blijft dus wel vragen om maatwerk!’

Sociaal-emotioneel

Natasja licht in het vlakblad toe dat ‘een assistentiehond naast de praktische ondersteuning ook belangrijk is op sociaal-emotioneel vlak.’ Daarom is, zo zegt ze ‘het extra fijn dat in een noodsituatie waarbij ambulancevervoer nodig is, de assistentiehond mee kan in de ambulance als de situatie dit toelaat. De steun die de hond kan bieden is voor de persoon ontzettend belangrijk. Door in gesprek met elkaar te blijven, maken we het mogelijk dat assistentiehonden overal worden toegelaten, zoals dit al sinds 2016 wettelijke geregeld is..

Helma geeft in hetzelfde blad een aantal praktische tips voor ambulancepersoneel. ‘Een gebruiker van een gecertificeerde assistentiehond heeft altijd een pasje bij zich. Daarop staan de gegevens van de persoon vermeld en ook noodnummers, die gebeld kunnen worden in spoedsituaties. Als de gebruiker ernstig gewond is kan de hond bijvoorbeeld opgevangen worden door de organisatie.’

Het belang van het pasje

En verder: ‘Ook als de gebruiker niet meer aanspreekbaar is, kun je altijd de noodnummers bellen, die op het pasje staan vermeld. Het pasje kan in de portemonnee/telefoonhoesje of in het dekje zitten dat de hond draagt. Hier kan ook noodmedicatie in zitten of andere medische informatie die van belang kan zijn in spoedsituaties.’

Helma wijst er eveneens op dat ‘niet alle beperkingen van iemand direct zichtbaar zijn. Er zijn bijvoorbeeld assistentiehonden die getraind zijn in het signaleren van epilepsie, of PTSS. Deze honden zijn in een noodsituatie heel hard aan het werk, daarom is het extra belangrijk de hond en de gebruiker niet van elkaar te scheiden.’