Home

Jasmijn Vos

Assistentiehonden worden nog weleens geweigerd in publieke ruimtes, zoals ziekenhuizen en restaurants. Vaak op grond van hygiënische redenen. Onderzoeker Jasmijn Vos van de Universiteit Utrecht wilde weleens weten of dat terecht is.

Zij onderzocht begin 2020 de poten van honden en schoenzolen van hun baasjes. En wat blijkt? Hondenpoten zijn vaak schoner dan de zolen van hun baasjes. Vreemd dat dan wel mensen naar binnen mogen maar assistentiehonden niet. Aan het onderzoek deden assistentiehonden mee van KNGF en Bultersmekke Assistancedogs. Het onderzoek onder de titel Paw hygiene of dogs compared to that of shoe soles is begin juni 2020 afgerond.

Aan het onderzoek namen 25 assistentiehonden en hun gebruikers deel. En daarnaast ook 25 huishonden en hun eigenaren. Zij werden gevraagd om 15 tot 30 minuten te wandelen met hun hond over een route die ze normaal ook zouden nemen, waarna de voorpoten van de hond en de beide schoenzolen van de mens werden bemonsterd met speciale sponsjes. In het lab werden deze sponsjes dezelfde dag nog onderzocht op de aanwezigheid van poepbacteriën (als maatstaf voor algemene hygiëne) en specifiek Clostridium difficile, een bacterie die in ziekenhuizen vaak diarree veroorzaakt. Ook werd de deelnemers gevraagd een enquête in te vullen over de verzorging van hun hond, waarbij de assistentiehondgebruikers nog een extra deel invulden over hun ervaring van het hebben van een assistentiehond. Ten slotte is er aantal ziekenhuizen bevraagd over hun protocollen rondom het binnenlaten van assistentiehonden.

Labonderzoekfront

Uit het labonderzoek is gebleken dat poten van honden in het algemeen schoner zijn dan de schoenzolen van mensen. Er werden minder poepbacteriën gevonden op de hondenpoten dan op de schoenzolen. Dit komt vooral doordat de poten van huishonden een betere hygiëne hebben dan de schoenzolen van hun eigenaren. De hygiëne van de poten van assistentiehonden is erg vergelijkbaar met die van de schoenzolen van hun gebruikers. Dat kan mogelijk worden veroorzaakt doordat assistentiehonden meer tijd doorbrengen met hun gebruiker en op meer dezelfde plekken komen dan huishonden en hun eigenaar.
Er werden geen verschillen gevonden in hygiëne tussen assistentiehonden en huishonden, en ook niet tussen assistentiehondgebruikers en huishondeigenaren. Een mogelijke oorzaak voor het schoner zijn van hondenpoten is dat honden zichzelf regelmatig schoonlikken. In hun speeksel zitten bepaalde stoffen die bacteriedodend zijn.

Ontwormd?

Ook is er in dit onderzoek gekeken naar mogelijke factoren die de hygiëne van hondenpoten beïnvloeden, zoals het wel of niet ontwormd zijn, het wel of niet krijgen van rauw vlees, of de plekken waar tijdens het uitlaten werd gewandeld. Het lijkt erop dat het uitlaten van honden op vooral andere plekken (zoals het strand, het bos of een uitlaatplaats) dan hun eigen buurt ervoor zorgt dat er meer poepbacteriën op de hondenpoten zitten. Het bewijs was echter niet erg sterk; mogelijk zou een groter onderzoek met meer honden de doorslag kunnen geven.
Clostridium difficile werd maar één keer gevonden, op de schoenzool van een assistentiehondgebruiker, en dus niet op de hondenpoten. Dit is positief, aangezien de aanwezigheid van assistentiehonden in het ziekenhuis dus geen hoger risico op ziekenhuisdiarree betekent.

Mogelijke maatregelen ter bevordering van de hygiëne in bijvoorbeeld ziekenhuizen zouden kunnen zijn: het schoonmaken van hondenpoten met (natte) doekjes, langere droogloopmatten of matten met een plaklaag, overschoentjes (voor zowel schoenen als hondenpoten), schoenborstels of het desinfecteren van schoenzolen door middel van Uv-licht.

Ziekenhuizen

Uit de reactie van de ziekenhuizen is gebleken dat er verschillende protocollen in omloop zijn, die vaak niet erg uitgebreid zijn en ook niet alle mogelijke situaties bespreken. Assistentiehondgebruikers geven ook aan dat het erg afhankelijk is van de persoon die hen bij de ingang ontvangt, of ze zonder problemen naar binnen kunnen of dat ze eerst een gesprek aan moeten gaan. Aangeraden wordt dus om eenduidige en ondubbelzinnige protocollen op te stellen die voldoen aan de wet, het liefst hetzelfde zijn voor alle ziekenhuizen en bekend zijn bij alle werknemers.

Mensen met niet-zichtbare handicap

Uit de enquêtes over de ervaringen met assistentiehonden zijn eveneens interessante resultaten gekomen. Driekwart van de assistentiehondgebruikers voelt zich in enige mate of grote mate vrij om te gaan en staan waar zij willen met hun assistentiehond, dus dat is positief. Mensen met een niet-zichtbare handicap voelen zich echter minder begrepen waarom zij een assistentiehond hebben, dan mensen met een zichtbare handicap. Ook geeft 81% van de gebruikers aan wel eens tegengehouden te zijn bij een publieke plaats door hun assistentiehond.

Hier ligt vooral een gebrek aan kennis aan ten grondslag. Meestal kennen mensen alleen de blindengeleidehond of alleen een bepaald soort dekje dat een assistentiehond kan dragen. Ook is de wet niet erg bekend bij eigenaren van publieke plaatsen, en ook niet het feit dat zij aan de assistentiehondgebruiker het ID-pasje van de hond kunnen vragen. Doordat veel gebruikers regelmatig met deze problemen te maken krijgen, laat een deel van hen hun hond soms thuis. Dit betekent dat ze zonder hun steun naar bijvoorbeeld de supermarkt of de tandarts moeten, waardoor ze zich gestrest kunnen voelen.

Welkom

Er zijn dus nog voldoende punten waarop verbeterd kan worden, waarbij de assistentiehondorganisaties zeker kunnen helpen. Dit doen ze op het moment ook al, door als meldpunt te dienen voor gebruikers die op problemen stuiten of door te werken aan zaken zoals eenduidige herkenning van de assistentiehond of verstrekking van informatie aan burgers. Er is al een aantal stickers in omloop die bij de ingang van een publieke plaats geplaatst kunnen worden, waarop staat dat assistentiehonden welkom zijn. Assistentiehondgebruikers zijn hier al heel blij mee, maar één sticker die alle soorten assistentiehonden welkom heet, zou nog beter zijn. Burgers moeten ook beter geïnformeerd worden over de omgang met assistentiehonden: deze moeten tijdens hun werk volledig genegeerd worden. Dat betekent dus geen oogcontact, niet aaien, en niet tegen ze praten, anders kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan.

goals
methoden
resultaten a

 

resultaten1
resultaten2
ziekenhuizen


Het onderzoek van S.J. (Jasmijn) Vos vond plaats van november 2019 tot juni 2020 als masterstudie aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht onder begeleiding van dr. J.J. (Joris) Wijnker. Het onderzoek werd financieel mede mogelijk gemaakt door het Karel Doormanfonds. KNGF Geleidehonden en Bultersmekke Assistancedogs selecteerden en begeleiden deelnemers aan het onderzoek.