Over ons - Ons team


De essentie en kracht van het BMA-programma is dat mensen met een beperking in hun thuissituatie en onder intensieve begeleiding van professionals ZELF de eigen hond opleiden tot officiële assistentiehond. Zo werkt de cursist zelf aan de hulp die nodig is voor meer zelfstandigheid.

Een assistentiehond opleiden volgens ons programma vraagt een stevige investering. In eerste instantie van de cursist zelf maar ook van de omgeving. Tijdens het programma gaat er veel tijd zitten in het trainen van de hond. Het dagelijkse leven wordt een aaneenschakeling van leermomenten en doelen om de cursist en de hond een perfect samenwerkend team te laten worden.

Op elk moment van start

Het teamcoachingsprogramma van BMA kan op verschillende momenten van start gaan. Dit is afhankelijk van het moment van plaatsing van de hond bij de cursist thuis en diens wensen en mogelijkheden.

Als gedurende het eerste levensjaar van de hond bij een cursist wordt gestart, zal vooral worden gewerkt aan een goede basis en voorbereiding op de taken die de hond later gaat uitvoeren. In het eerste levensjaar is een hond nog niet 'toe' om al echte assistentiehondentaken uit te voeren, maar kunnen we wel een eerste aanzet geven aan die vaardigheden die belangrijk zijn. In deze periode vinden in de regel 10 thuistrainingen plaats, en een basistest.

In de fase van de teamcoaching zijn er in de regel 25 thuistrainingen, waarin steeds nieuwe vaardigheden en handelingen aan de hond worden geleerd. Deze vaardigheden leert de cursist zelf aan de hond en wordt hierin door Bultersmekke Assistancedogs zeer intensief begeleid. De voorbereidingen op de teamtest zelf zijn eveneens onderdeel van de thuistrainingen in deze periode. Vervolgens wordt de opleiding afgesloten met een teamtest.

Steeds meer vaardigheden

De voortgang is afhankelijk van de ontwikkeling van het betreffende team (cursist en hond) en wat er in de situatie van de cursist nodig en passend is. De cursist bouwt gedurende het traject steeds meer vaardigheden uit en de hond meer taken. Op deze wijze raakt het team steeds meer op elkaar ingespeeld. Dagelijks zal de cursist blijven oefenen om:

  • allerlei dingen van de grond op te rapen;
  • deze voorwerpen goed aan te geven;
  • deuren openen en te sluiten;
  • alle knoppen in het huis en de omgeving te bedienen;
  • de alarmknop te leren bedienen om hulp in te schakelen;
  • de cursist te blokkeren bij het oversteken;
  • bij de cursist te blijven liggen na een epileptische aanval
  • de hulphond op verschillende geluiden te leren signaleren;
  • en alle andere mogelijkheden die belangrijk zijn.

Tussen de trainingssessies door is er intensief contact met de instructeur. Dit afgestemd op noodzaak en behoefte.

Officiële assistentiehond

De overdracht tot officiële assistentiehond vindt aan het einde van het opleidingsprogramma plaats na een geslaagde teamtest. De test wordt afgenomen door een examinator.

Hierna zijn er zolang de hond actief is als assistentiehond, jaarlijks vaste contactmomenten, waarbij gekeken wordt of het team nog voldoende en naar tevredenheid functioneert. Daarnaast kunnen cursisten voor vragen en voor het aanleren van nieuwe handelingen altijd een beroep blijven doen op de instructeurs van Bultersmekke Assistancedogs.

Keuze hond

Het programma Teamcoaching Assistentiehond maakt het voor de cursist mogelijk om in samenspraak met BMA zelf een hond aan te schaffen, die opgeleid wordt tot de eigen assistentiehond. In de regel is daarmee de hond ook eigendom van de cursist. Dat geldt overigens niet in alle gevallen, omdat een aantal zorgverzekeraars alleen assistentiehonden in bruikleen vergoedt.

BMA geeft er de voorkeur aan om samen met de cursist een hond te selecteren, die past bij de zorgvraag, de wensen, mogelijkheden en woonsituatie van de cursist. Soms beschikken mensen al over een hond die zij willen opleiden tot assistentiehond. BMA keurt dan de hond om te bezien of deze geschikt is. Mensen moeten er in die situatie wel rekening mee houden dat de hond niet geschikt kan worden bevonden en dat als blijkt dat de hond niet geschikt is, de cursist bereid moet zijn met een andere hond het programma te starten of voort te zetten.

Keuring assistentiehond

Iedere hond die opgeleid wordt tot assistentiehond en bekostigd wordt door de zorgverzekeraar zal op de leeftijd van minimaal 1 jaar de verplichte keuringen (ogen, ellebogen en heupen) ondergaan. 

Bultersmekke Assistanedogs werkt nauw samen met de dierenartsenpraktijk AnimalCare in Harderwijk. Als één van de eerste praktijken in Nederland voldoet Dierenartsenpraktijk AnimalCare aan het internationaal geaccepteerde ISO 9001-norm. AnimalCare streeft naar het continu verbeteren van de kwaliteit van de bedrijfsvoering, waarbij de tevredenheid van de klanten centraal staat.

Type honden

Op zich is vrijwel iedere hond in staat om mensen te begeleiden. Echter is niet ieder type hond geschikt als assistentiehond. Ook kan een bepaald type hond niet geschikt zijn gezien de problematiek van de cursist.

De hulpvraag bepaalt in hoge mate welk type hond geschikt is voor het programma van een cursist. Als een hond zware ADL-taken moet kunnen uitvoeren – bijvoorbeeld in bed keren van iemand met een dwarslaesie – is een hond nodig die dit fysiek aan kan. Als het gaat om mensen die het bewustzijn kunnen verliezen of uit contact gaan – bijvoorbeeld mensen met epilepsie of dissociaties - is een hond nodig die in een crisissituatie toestaat dat hulpverleners de cursist benaderen.

Rassen met in aanleg waak- en verdedigingsdrang, zoals herdersachtige honden, kunnen prima assistentiehonden zijn. Het is om deze reden dat menig cursist van BMA werkt met zo’n type hond. Echter, als cursisten vanwege hun problematiek uit contact kunnen gaan en daardoor geen sturing meer kunnen geven aan de hond, kiest BMA ervoor dit type hond dan niet toe te laten. Genoemde hondenrassen kunnen bij onvoldoende sturing eerder reactief gedrag ontwikkelen en ‘terugvallen’ in het waken en verdedigen. Dat is niet wenselijk voor de cursist, niet voor zorgverleners en ook niet voor de hond.

Rassen

Dat geldt eveneens voor het werken met een aantal andere rassen. In programma’s werken we niet met kortsnuiten vanwege het welzijn van de hond. Ook niet met pitbull-achtigen en rassen zoals de dobermann en de rottweiler. Dit vanwege mogelijke beschermingsdrang en lagere tolerantie naar andere honden. Daarnaast kunnen deze rassen angst inboezemen bij andere mensen. En om die reden is het dan over het algemeen moeilijk om de hond goed als assistentiehond te laten functioneren in het maatschappelijke verkeer.

Met andere woorden: of een hond dus daadwerkelijk geschikt is voor een cursist, wordt door BMA bepaald.

Bekostiging assistentiehond

1. door de zorgverzekeraar

ADL-honden en signaalhonden vallen sinds 1 januari 2006 onder de Zorgverzekeringswet en kunnen vergoed worden door de zorgverzekeraar. Andere assistentiehonden vallen (nog) niet onder deze regeling. Om ons teamcoachingsprogramma te kunnen volgen is er een medische en praktische indicatie nodig.

  • Wanneer beide indicaties positief zijn dienen we de aanvraag in bij de zorgverzekeraar.
  • Een medische indicatie kan een ergotherapeutisch rapport of een verklaring van een behandelend arts of specialist zijn.
  • De therapeut of arts dient de medische meerwaarde aan te geven voor de inzet van een assistentiehond.
  • Vervolgens wordt er een afspraak gemaakt voor de praktische indicatie, die afgenomen zal worden door Bultersmekke Assistancedogs. Tijdens deze intake wordt bekeken en besproken of het teamcoachingsprogramma voor beide partijen succesvol zal kunnen zijn.
  • Binnen afzienbare tijd hoor je of de aanmelding door je zorgverzekeraar gehonoreerd wordt. De zorgverzekeraar kijkt vooral of de zorgkosten afnemen door het plaatsen van een assistentiehond en of er geen andere, goedkopere hulpmiddelen zijn die de mobiliteitsproblemen kunnen oplossen.
  • Is het antwoord positief dan worden er verdere afspraken gemaakt met betrekking tot het teamcoachingsprogramma.

2. door de gemeente

Er is een toenemende bereidheid bij gemeenten om met behulp van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of Jeugdwet bij te dragen aan de opleiding van een assistentiehond. Stichting Bultersmekke Assistancedogs adviseert u daar graag over.

3. vanuit eigen financiële middelen van de cursist

Het programma teamcoaching kan vanuit eigen middelen worden bekostigd. Daarbij kan eventueel gebruik worden gemaakt van fiscale mogelijkheden.

Een assistentiehond kan door de belastingdienst worden aangemerkt als een hulpmiddel en daarmee voor aftrek in de inkomstenbelasting in aanmerking komen. Dit in de vorm van specifieke zorgkosten. Er moet dan wel aan een aantal voorwaarden zijn voldaan.

Eén van die voorwaarde is dat de hond door of met behulp van een geaccrediteerde hondenschool moet zijn opgeleid. Klik hier voor de voorwaarden die de belastingdienst stelt. Honden die met behulp van BMA worden opgeleid tot assistentiehond voldoen in beginsel aan deze voorwaarden. Kosten die kunnen worden opgevoerd betreffen die van de opleiding, aanschaf en onderhoud. Onder dit laatste valt te denken aan voedsel, verzekeringen en medische kosten.

Neem voor meer informatie over persoonsgebonden aftrekposten contact op met belastingdienst of klik op Belastingdienst - hulpmiddelen.

4. met behulp van Stichting Bultersmekke Assistancedogs

Jaarlijks kan Stichting Bultersmekke Assistancedogs voor enkele cursisten maximaal 20% bijdragen aan de kosten van het programma teamcoaching. Daarvoor kan een aanvraag worden gedaan bij het bestuur van de Stichting. Informatie daarover geeft de bestuurssecretaris van de stichting, te bereiken via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.


Dekjes BMA

Alle honden die door BMA opgeleid worden tot assistentiehond, krijgen een dekje en bandana waardoor ze herkenbaar zijn als officiële assistentiehond. Ook voor de honden in opleiding en puppen zijn er assistentiehond dekjes en bandana's verkrijgbaar.

dekje anoki 4
dekje anoki 1